Op deze pagina treft u aan:
Grenstenen
∆ 176 - 181 (Overdiep - Bourtange)
∆ 181 I - 183 XI (Bourtange - Bellingwolde)
∆ 183 XII - 193 (Bellingwolde - Bad Nieuweschans)
∆ 193 - 200 (Bad Nieuweschans - Nieuw Statenzijl)
Extreme point
∆ Meest Oostelijke punt NL
(Easternmost point NL)
∆ Hoogste punt Groningen
(highest point Groningen)
De hamersteen is vervaardigd uit Bentheimer zandsteen, een duurzaam en veelgebruikt materiaal in historische grensmarkeringen.
Wat deze grenssteen extra bijzonder maakt, zijn de inscripties aan beide zijden, die verwijzen naar de vroegere machtsgebieden.
Aan de Nederlandse zijde staat de afkorting RBF (Respublica Belgica Foederata), wat verwijst naar de Republiek der Verenigde Nederlanden.
Aan de Duitse zijde is EPM (Episcopatus Monasteriensis)te lezen, een aanduiding voor het Bisdom Münster.
In 1824 werd een nieuw grensverdrag gesloten tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Hannover. Naar aanleiding van dit verdrag kregen de bestaande grensstenen een aanvullende markering: aan de Nederlandse zijde werd de letter N toegevoegd, en aan de Duitse zijde de letter H. Deze toevoegingen maakten de grensafbakening nog duidelijker en weerspiegelen de politieke veranderingen van die tijd.
De combinatie van materiaal, inscripties en latere aanpassingen maakt deze hamersteen tot een uniek historisch object dat de ontwikkeling van de Nederlands-Duitse grens zichtbaar maakt.
We komen aan bij grenssteen 176, beter bekend als een zogeheten Hamersteen.
Dit is een bijzondere en atypische grenssteen, die opvalt door zijn unieke vorm en historische betekenis.
Oorspronkelijk werden er 13 van deze hamerstenen geplaatst langs de grens tussen Drenthe, Groningen en Duitsland.
Deze grens kreeg haar officiële vorm in 1764, toen een grensverdrag werd gesloten tussen de Republick der Verenigde Nederlanden en het Bisdom Münster. De 13 hamerstenen dienden daarbij als duidelijke markering van de landsgrens en speelden een belangrijke rol in het vastleggen van territoriale afspraken.
Vandaag de dag vormen de overgebleven stenen, veel zijn verloren gegaan, een tastbare herinnering aan de rijke grensgeschiedenis van Nederland en zijn oostelijke buren, en trekken ze de aandacht van wandelaars, historici en erfgoedliefhebbers.
Na grenssteen 176 I nemen we even de tijd voor een welverdiende lunchpauze.
Op deze plek is op ludieke wijze een grensovergang nagebootst, wat zorgt voor een bijzondere en sfeervolle beleving. We genieten hier heerlijk van onze lunch in de buitenlucht, midden in het landschap langs deze historische grensroute.
We komen aan bij grenssteen 176 III, die we aantreffen op de officieel vastgelegde locatie.
Nieuwsgierig lopen we de bosrand in, waar we onverwacht een bijzondere vondst doen: een originele zandstenen grenssteen uit 1824, liggend op de grond.
Op de zichtbare zijde staat de letter ‘P’, verwijzend naar Pruisen, samen met het nummer 176 I.
We melden deze ontdekking bij de Historische Vereniging Westerwolde, die direct grote interesse toont. Bij hen is bekend dat de oorspronkelijke grenssteen 176 I ooit is vervangen door een granieten exemplaar, dat het nummer 176 III heeft gekregen.
Ook treffen we hier ook een zogenoemde RE-steen aan, wat staat voor Rijks Eigendom.
Deze stenen werden in de jaren ’30 van de vorige eeuw door Rijkswaterstaat geplaatst om de grenzen van hun beheersgebied aan te geven.
Grenssteen 180 II kent een rijke en gelaagde geschiedenis. De oorspron-kelijke zandstenen grenssteen dateert uit 1824, maar de afbakening van deze grens gaat zelfs terug tot 1548.
Op recente foto’s is te zien dat de steen in 2009 nog fier overeind stond. In 2014 lag hij echter afgebroken aan de rand van een sloot. Twee jaar later, in 2016, werd de beschadigde steen opnieuw geplaatst. Op foto's van maart 2025 treffen we de grenssteen beschermd tussen twee perkoen-paaltjes, precies zoals hij in 2016 is teruggezet.
De grens kreeg in 1764 een meer officiële status. In deze regio werden toen dertien zogenoemde hamerstenen geplaatst: bijzondere zandstenen grensmarkeringen in de vorm van een hamer. Op het grensknikpunt aan de Bisschopsweg stond bijvoorbeeld hamersteen 10. Deze steen is inmiddels verdwenen.
Bijzonder is dat de kop van deze hamersteen rond 2010 werd teruggevonden bij het toegangshek van het ‘Abeltjeshuis’, enkele honderden meters ten westen van de grensovergang waar hamersteen 10 was geplaatst. Naar verluidt heeft deze kop daar zo’n vijftien jaar gelegen, maar inmiddels lijkt deze een nieuwe plek te hebben gekregen.
Wie de huidige situatie bekijkt, ziet een opvallende samenstelling: een kop uit 1764 gecombineerd met een voet uit 1824.
Deze samengestelde grenssteen roept vragen op over historische authenticiteit. De reconstructie oogt als een ‘historisch gecontamineerd geheel’, waarbij elementen uit verschillende periodes zijn samengevoegd tot één object.
Bekijk vooral de foto’s van wat wij ter plaatse hebben aangetroffen en vorm uw eigen oordeel over deze bijzondere, maar discutabele reconstructie van grenssteen 180 II.
© Herman Posthumus © 2009
© Herman Posthumus © 2014
↑ © Herman Posthumus © 2016 ↑
© Rien de Schipper 2025
Door verharding en verlegging van de weg in 1866 werd het exacte grensknikpunt extra gemarkeerd met een ijzeren ring in het wegdek. Aan weerszijden van de weg werden bovendien granieten grenspalen geplaatst. Vermoedelijk is deze ring — soms ook beschreven als een bout — later verdwenen bij asfalteringswerkzaamheden.
Op een dubbelzijdig informatiebord ter plaatse wordt de rijke geschiedenis van deze grensovergang verder toegelicht. Hier lees je hoe militaire conflicten, handelsafspraken en bilaterale verdragen door de eeuwen heen de grens tussen Nederland en Duitsland hebben gevormd.
We bevinden ons bij de grensovergang Bourtange – Neurhede, gelegen in het historisch rijke Bourtanger Moor. Dit gebied kent een lange en bewogen geschiedenis. Nadat keizer Karel V in 1536 de heerlijkheid Westerwolde veroverde en toevoegde aan de Habsburgse Nederlanden, werd de grens in deze regio officieel vastgesteld.
In 1764 werd op deze plek een zogenoemde hamersteen geplaatst, nummer 10. Wanneer deze bijzondere zandstenen grensmarkering precies is verdwenen, is onbekend. Wel is bekend dat de kop van deze originele hamersteen jarenlang bij de ingang van boerderij ‘Het Abeltjeshuis’ heeft gelegen. Tegenwoordig is deze kop geplaatst op de restanten van grenssteen 180 II, wat zorgt voor een opvallende en historisch gelaagde reconstructie.
De Linie werd in 1796 aangelegd en maakte tot 1851, samen met de vesting Bourtange en de redoute Bakoven, deel uit van de eerste verdedigingslinie langs de Eems. Dit militaire bouwwerk diende als een vooruitgeschoven verdedigingswerk en had een totale lengte van circa 637 meter.
De opbouw van de Linie was strategisch ontworpen. In het midden bevond zich een volledig bastion, met aan beide zijden twee redans die verbonden waren via een courtine. Daarnaast lagen er twee halfbastions, eveneens gekoppeld met courtines, en in het zuidelijke deel sloot een batterij aan. Deze verdedigingsstructuur bood een sterke militaire positie tegen mogelijke aanvallen.
Uit historische bronnen blijkt dat de aanleg van de Linie opmerkelijk snel verliep. Binnen slechts twee maanden – van 25 juli tot en met 30 september 1796 – werd het complete verdedigingswerk gerealiseerd. Tegelijkertijd werd ook de zogenoemde Soldatendijk aangelegd, een leidijk die van noord naar zuid liep en de Linie verbond met de bestaande oost-west georiënteerde leidijk.
Op een kaart van de Linie uit 1796 wordt deze dijk aangeduid als “nieuw te maken trageldijk”, wat aangeeft dat het om een belangrijke uitbreiding van de infrastructuur ging.
We vervolgen onze weg en passeren - op steenworp - het voormalig NL douanekantoor Bellingwolde, zo'n 300 mtr. waar de grens de scheiding vormt van de Rhederweg (N969) en de Zollstraße.
Kadaster/stafkaart Duits-Nederlandse grens.
Met dank aan herman Posthumus.
(verdwenen)
Het verdrag heeft het over een gezonken steen bij de Lethe, op de plek waar de grenzen van Munster en Oostvrieslandt “aan elkander stooten”.
Dit was oorspronkelijk de laatste van de 13 hamervormige grenspalen die rond 1784 werden geplaatst tussen het bisdom Münster en Nederland. Grenssteen 167 is niet hamervormig dus moet het wel een vervanging zijn.
Grenspalen-nestor Co Bieze hierover:
De grenstwisten tussen de bewoners van Groningen en Drente enerzijds, envan het Munsterse gebied anderzijds laaiden steeds weer op. Het Bourtanger moeras werd aan beide zijden langzamerhand zodanig bewerkt,dat er regelmatig een betere afwatering ontstond. Hierdoor werd dit gebied steeds meer toegankelijk, met als resultaat, dat de bewoners dieper in dit gebied konden komen, en meer conflicten met elkaar kregen.Het werd noodzakelijk, om orde op zaken te stellen. Zo werd er op 27 oktober 1764 en 10 november 1764 tussen de "Republick der Vereenigde Nederlanden" en het "Bisdom van Munster" een grensverdrag vastgesteld,waarbij afgesproken werd, dat er 13 grensstenen zouden worden geplaatst.
De eerste steen zou komen te staan in de nabijheid van het(nu) Duitse dorp Twist. Bij de plaatsing van de stenen was men het erechter niet over eens, waar de stenen met de nummers 1, 2 en 11 precies moesten worden geplaatst. Door deze moeilijkheden ging het plaatsen van de stenen niet door. Het duurde tot 1784 alvorens het er over eens was,waar deze stenen moesten worden geplaatst.
Op 11 oktober 1784 en op 29oktober 1784 werd een definitieve overeenkomst getekend door beide landen. In dit verdrag werd wederom bepaald, dat er in het Bourtanger moeras 13 grensstenen zouden worden geplaatst."
Volgens een overzicht van Herman Posthumus zijn er hier nog 8 van over.
© tekst Eef Berns ©
Hoewel het Kadaster aangeeft dat de grensstenen 191 I tot en met 193 (inclusief de Nederlandse varianten) de status ‘gelijk bodem’ hebben — wat betekent dat ze zich op maaiveldhoogte zouden moeten bevinden — worden deze stenen binnen de Nederlandse grenspalengroep al jaren niet meer aangetroffen.
Door het langdurig uitblijven van waarnemingen zijn deze grensstenen inmiddels als permanent verdwenen geregistreerd. Dit maakt ze tot een interessant, maar ook lastig te traceren onderdeel van het historische grenslandschap.
Grenssteen 192 IV: Nederlandse variant verdwenen, Duitse steen nog intact
Volgens het Kadaster is grenssteen 192 IV nl verdwenen, en tijdens ons onderzoek hebben wij deze dan ook niet aangetroffen. De Duitse variant, grenssteen 192 IV de, staat daarentegen nog fier overeind en verkeert in goede staat.
Deze nog aanwezige grenssteen is door ons gedocumenteerd, waarmee een belangrijk stukje van het historische grensverloop in kaart blijft..
We komen toe aan het bovenste gedeelte van ons Nederland. Uniek omdat vanaf Bad Nieuweschans we het enige grensstuk bewandelen dat een dubbele telling van grensstenen kent.
Ik bedoel hiermee dat we in Vaals starten met steen 193 (telling tot Losser) en we hier nu ook starten met 193.
Net als bij Vaals, wordt ook hier gewerkt met nogal wat tussensteen. Zagen we bij Vaals dat de tussenstenen na het hoofdnummer een cijfer voerden (193 A), zo zien we vanaf Losser dat de aanduiding een Romeins cijfer is (193 I).
Op de foto's wordt het vast duidelijk.
Grenssteen 195 II niet aangetroffen langs de Autobahn
Grenssteen 195 II zou zich volgens de beschikbare coördinaten langs de Autobahn moeten bevinden, vermoedelijk op het talud. Het is echter ook mogelijk dat de exacte locatie dichter bij het asfalt ligt.
Ondanks gericht zoeken op en rond deze locaties hebben wij de grenssteen niet kunnen vinden. Of de steen verplaatst, bedekt of verdwenen is, blijft vooralsnog onduidelijk.
Grenssteen 196 – De Bunderpaal: het meest oostelijke punt van Nederland
Grenssteen 196, beter bekend als de Bunderpaal, is vervaardigd uit Bentheimer zandsteen en markeert een bijzonder geografisch punt. De steen bevindt zich op de coördinaten 53°10’49.01” N en 07°13’39.04” E (oftewel 53.18028, 7.22751).
Met deze ligging geldt de Bunderpaal onbetwist als het meest oostelijke punt van Nederland. Daarmee is deze grenssteen niet alleen historisch van belang, maar ook geografisch uniek binnen het Nederlandse grenslandschap.
Er is hier meer opmerkelijk.
Op Topotijdreis is tot 1906 hier nergens een tussenpaal genoteerd.
Topotijdreis tot 1906
De wegenwiki vermeldt als volgt:
In 1957 werd een nieuw gedeelte tussen Hoogezand en Scheemda opengesteld, waarmee de rijksweg tussen Groningen en Winschoten van een redelijke kwaliteit was geworden.
Over een nieuwe grensovergang met Duitsland werd in de jaren '50 nog onderhandeld.In 1969 wordt het wegvak Winschoten - Bad Nieuweschans Grens, enkelbaans opgeleverd. In de twee decennia die volgden werden stukje bij beetje de wegvakken tussen Groningen en Bad Nieuweschans als autosnelweg open-gesteld, met op 6 april 1994 de officiële opening van het laatste wegvak als autosnelweg door minister Maij-Weggen.
De stenen 196 II - 196 V worden al lang als onvindbaar genoteerd.
Robert Janssen vond 196 II nog in 2015.
Rien nog in 2026.
Aafko en ik troffen 196 II, III, IV e VI nog in april 2026.
Topotijdreis vanaf 1907
Wat opvalt is dat tussensteen 196 I ingetekend staat bij de brug over de Wymeerer Sieltief
Dit blijft zo t/m 1970. In 1971 staat steen 196 I dan naast de Bundersteen 196 en bij de brug staat tussensteen 196 V op de kaart.
Topotijdreis vanaf 1971
Wat opvalt is dat tussensteen 196 I ingetekend staat bij de brug over de Wymeerer Sieltief.
Foto van Herman Posthumus van steen 196 V die hier sinds 1971 op de kaart voorkomt.
op 13 april 2026
Voordat we op 13 april 2026 op zoek gaan naar grenssteen 196 VI, maken we eerst een tussenstop bij de grensstenen 196 II, 196 III en 196 IV. Aanleiding hiervoor is een recente melding van Rien,dat grens-steen 196 II liggend in een sloot was aangetroffen.
Al snel blijkt dat we geluk hebben. Grenssteen 196 II treffen we rechtopstaand aan in een drooggevallen beek.
Op de vermoedelijke locatie van grens-steen 196 III vinden we een ingegraven steen, terwijl op de plek van grenssteen 196 IV slechts brokstukken liggen van wat ooit een grenssteen moet zijn geweest.
Wanneer we later ook grenssteen 196 VI weten te lokaliseren en succesvol uitgraven, is het duidelijk: deze dag kan niet meer stuk. Het geluk was aan onze zijde — en dat gevoel is geheel wederzijds.
Op zoek naar 196 VI
2e poging
Op zaterdag 11 april 2026 vond ons volgende bezoek plaats. Samen met Aafko reisde ik opnieuw af naar het hoge Noorden voor wat wij een “veegronde” noemen: een tocht waarbij we zowel nieuwe trajecten verkennen als locaties opnieuw bezoeken waar we eerder geen stenen konden vinden.
Tijdens deze ronde bezochten we opnieuw de plek waar steen 196 VI zich zou moeten bevinden. Met behulp van een foto van Herman slaagden we er dit keer in om de steen nauwkeurig te lokaliseren en uit te graven.
Volgens Herman had hij al zo’n 20 jaar geen foto’s meer van deze steen gezien en stond deze officieel als verdwenen geregistreerd. Juist dat gegeven maakt deze vondst voor ons extra bijzonder.
Situatie spoor in 2026
De dag na de Dukdalftocht lopen Wilma en ik nog van 199 naar 198 I. Deze laatste is nauwelijks bereikbaar door het hoge onkruid (brandnetels).
← Grenssteen 198 met telelens en kraai
Op 13 april 2026 bezoek ik de locatie nogmaals met Aafko
© Op alle foto's rust het auteursrecht.
Vraag s.v.p. vooraf om toestemming als je foto's gebruiken wilt.©